Naar hoofdinhoud

Dijana werkt als ambulant onderwijskundig begeleider (AOB-er) bij Bartiméus. Ze begeleidt kinderen met een visuele beperking in het regulier en speciaal onderwijs. ‘In totaal begeleid ik zo’n 40 leerlingen. Lienke (15 jaar) is een van hen.’

Dijana: ‘In mijn werk als AOB-er kijk ik wat een leerling met een visuele beperking nodig heeft om onderwijs te kunnen volgen. Ik adviseer de school bijvoorbeeld over aanpassingen van het lesmateriaal of hulpmiddelen voor de leerling. Daarbij houd ik ook contact met de ouders.’

Observeren

‘Tijdens een begeleidingsbezoek ga ik eerst bij de leerling in de klas zitten, ik observeer. Telkens in een andere les. Als een leerling bijvoorbeeld moeite heeft met rekenen, schuif ik bij die les aan. Vaak heb ik daarvóór al contact gehad met de leraar of een vakdocent.’

‘Na de les ga ik met de leerling in gesprek en nemen we samen bijvoorbeeld wat sommen door. Dan merk ik soms dat de leerling prima kan rekenen, maar de sommen niet goed kan zien. Dan adviseer ik de school om lesboeken met grotere cijfers en letters of digitale boeken aan te schaffen waarin de leerling mag schrijven.’

Wat is er nodig?

‘Aan het eind van de schooldag praat ik met de leerling en de docent, het liefst ook met de ouders en intern begeleider erbij. Ik maak een verslag over wat me opviel en met actiepunten; wat heeft de leerling nodig om op school zo goed mogelijk te functioneren?’

Al sinds groep 1

Dijana: ‘Ik begeleid Lienke al sinds groep 1 van de basisschool, ze zit nu in Mavo 3. In de eerste klas van de Mavo hebben we een presentatie gegeven aan haar klas, zodat zij meer begrip hebben voor haar slechtziendheid. We legden ook uit waarom Lienke als enige in de les een iPad gebruikt. Verder gaven we voorlichting aan de docenten die nu beter begrijpen wat Lienke nodig heeft om het onderwijs te volgen, maar ook wat de mogelijkheden zijn.’

Schrijven op de iPad

Lienke: ‘Ik heb nystagmus, mijn ogen wiebelen, en ik zie nog ongeveer 25%. In de les gebruik ik een iPad die ik schuin op een standaard zet. Dan is het beeldscherm iets dichterbij mijn ogen. Met een speciale pen kan ik op de iPad schrijven. Dan hoef ik niet te wisselen tussen een boek en het beeldscherm, dat kost teveel energie. Omdat ik een grote iPad heb en boeken in een groter formaat, gebruik ik een rolkoffertje voor mijn spullen.’

Dijana en Lienke drinken samen koffie in de kantine.

Hoe het wél kan

Dijana: ‘Het aantal keren dat ik een leerling bezoek hangt af van de indicatie die een leerling heeft gekregen, variërend van ‘licht’ tot een ‘zeer intensief arrangement’. In overleg met de leerlingen kijk ik wat nodig is. Soms is dat een loep of een verstelbare tafel. Maar het kan ook gaan om een toets die te lang is en die ze vanwege de visuele beperking niet binnen de tijd af krijgen. Dan overleg ik met de docent hoe dit anders kan. Ik bezoek Lienke gemiddeld vier tot zes keer per jaar. Zij kan zich met veel dingen heel goed redden.’

Dit artikel verscheen ook in ons Voluit magazine, editie juli 2026. Meer lezen? Download de Voluit als PDF.

Volg ons op Facebook, LinkedIn of Instagram, dan weet je direct wanneer een nieuw verhaal in ‘Bartiméus in het kort’ online komt.